De coalitiefracties in de Tweede Kamer hebben vandaag voor de wet Passend Onderwijs gestemd. D66 stemde tegen. Boris van der Ham: ”Door de optelsom van bezuinigingen op zorgleerlingen is deze niet verantwoord. Het passend onderwijs wordt ingevoerd in een bed van brandnetels

De wet Passend Onderwijs heeft als doel om meer zorgleerlingen te plaatsen in het reguliere onderwijs. Maar gelijktijdig met deze onderwijsvernieuwing wil minister van Bijsterveldt (CDA) 300 miljoen bezuinigen op de begeleiding en ondersteuning van deze leerlingen. Van der Ham: “Docenten zijn nog niet voldoende opgeleid om deze leerlingen zelf op te vangen. Voor zowel de zorgleerlingen als voor de overige leerlingen is deze ondersteuning essentieel.”
Naast deze bezuinigingen kort de regering ook op de jeugdzorg, op achterstandleerlingen en op het speciaal onderwijs. “De optelsom van deze bezuinigingen treffen de meest kwetsbare leerlingen, wat D66 betreft onacceptabel” aldus Van der Ham.
Tijdens de wetbehandeling heeft D66 veel wijzigingsvoorstellen ingediend om met name de positie van ouders en leerlingen te verbeteren. Van der Ham: “De minister had de ouders overgeslagen. Zij moeten juist betrokken worden bij de zorg op school.” Door een voorstel van D66 komt er nu onder meer een geschillencommissie. Ook heeft een voorstel van Van der Ham over meer aandacht voor de krimpregio’s en voor samenwerking in de grensregio het gehaald.
Van der Ham: “In 2008 maakte ik deel uit van de Commissie Onderwijsvernieuwingen die aandrong op een zorgvuldige invoering van dit soort nieuwe systemen. Iedereen omarmde die adviezen, maar de coalitie is er nu doof voor. Ook vanwege die ervaring vindt D66 het niet verantwoord om deze wet in te voeren.”