Home>>In de media>>Weg uit Den Haag relativeert enorm (Telegraaf)

Weg uit Den Haag relativeert enorm (Telegraaf)

07 dec 2019
Weg uit den haag relativeert enorm telegraaf

Interview in het blad 'Vrij', de weekendbijlage van de Telegraaf. Over humanisme, een beetje politiek en de komende rol in 'Smeris'.

FOTO MARK UYL | Interview door 

Voorzitter van het Humanistisch Verbond, tien jaar lang Kamerlid voor D66 of acteren in de serie ’Smeris’: het lijkt Boris van der Ham allemaal even gemakkelijk af te gaan. Maar: „Het heeft jaren geduurd om mijn Haagse eeltlaag af te pellen.”

Het zijn van die mensen waar we in Nederland altijd een beetje moeite mee hebben. Mensen die niet in een hokje passen of, nog verwarrender: hun hokje verlaten om in een ander hokje te kruipen en daarna wéér in een ander. Of gewoon helemaal niet in een hokje willen en liever over een muurtje lopen. Zo was Boris van der Ham achtereenvolgens acteur, politicus, daarna weer acteur, maar ook schrijver en bestuurder. Voorzitter van het Humanistisch Verbond, maar ook actief in het bedrijfsleven. Daarnaast is hij vader van een zoon en een dochter die bij hun twee moeders wonen. De Amsterdammer praat graag en gemakkelijk en opgewekt en veel. Veel mensen kennen je nog steeds vooral als D66-politicus.

Je hebt tien jaar voor die partij in de Kamer gezeten. Mis je het weleens?

„Eigenlijk steeds minder. Als ik nu de toon van politici beluister... Het eeuwig licht geagiteerde, het benadrukken en gebruikmaken van de verschillen, het affikken van een andere partij.”

Dat heb je zelf toch ook allemaal gedaan? Je bent nog twee keer genomineerd voor de Thorbeckeprijs voor welsprekendheid.

„Natuurlijk! Maar juist daarom kan ik het nu van een afstand bekijken. En is het een bevrijding niet altijd je mening te hoeven geven. Om ’s avonds zonder schuldgevoel naar Family guy te kunnen kijken in plaats van naar Pauw. Op maandag lees je dat er een crisis is en staan politici en hijgende journalisten op hun achterste benen. Dan ga je zelf hard aan het werk, sla je op vrijdag de krant open en blijkt de crisis alweer te zijn opgelost. Of tenminste: je hoort er niets meer over. Weg uit Den Haag relativeert erg.”

Maar heeft het lang geduurd om af te kicken?

„Ik had in Den Haag noodgedwongen een eeltlaag opgebouwd en die heb ik moeten afpellen. Ik merk dat ik nu weer veel gemakkelijker ontroerd kan raken, zelfs kan huilen om een mooie film of een aangrijpend verhaal. In 2012 besloot ik me na tien jaar niet meer verkiesbaar te stellen. Ik wilde geen beroepspoliticus zijn. Zeg nooit nooit trouwens, ik ben pas 46! Ik ben twee keer met voorkeurstemmen gekozen, het is mooi werk. Maar tot nu toe heb ik nog niet de aandrang gehad weer terug te gaan. En bovendien: politiek is breder dan Den Haag.”

Hoe bedoel je dat?

„In Den Haag kun je bijdragen aan veranderingen en verbeteringen in de samenleving maar daarbuiten net zo goed. Of misschien wel meer. Bij het Humanistisch Verbond geef je verdieping aan de vrijheid. En ja, ook als acteur draag je bij aan de samenleving. Vaak houdt een toneelstuk of een tv-serie de samenleving een interessantere spiegel voor dan het zoveelste debatje op tv. Sowieso onderschatten we in ons leven de waarde van kunst en cultuur. Wie heeft het nooit gehad; worstelen met iets verdrietigs en opeens een liedje horen dat precies datgene verwoordt?”

Je bent voorzitter van het Humanistisch Verbond. Maar hebben echte humanisten/vrijdenkers een verbond nodig? Heb je net de ketenen van de religie afgeworpen, zit je weer vast aan de volgende club.

„Dat is een heel decadente manier van denken. Ik heb zelf trouwens ook korte tijd zo gedacht. Het is vooral decadent om ervan uit te gaan dat vrijheid geen organisatie nodig heeft. Wij bieden bijvoorbeeld de ex-moslim of de ex-Jehova een ontmoetingsplek. Als humanist vind ik bovendien medemenselijkheid belangrijk, oog hebben voor eenzame ouderen bijvoorbeeld. Bij grote levensvragen kunnen mensen steun bij elkaar vinden. Het recht om je te mogen verenigen, is bovendien een onderschat recht! Samen krijg je gewoon meer voor elkaar dan alleen. Tegen al die millennials die iets voor de wereld willen doen, niet weten wat en dan maar hun avatar op sociale media veranderen, wil ik zeggen: word lid van een club, verenig je zelf! Ga samen iets nuttigs doen. Verenigen is belangrijk om je eigen manier van leven en denken veilig te stellen. Want groeperingen waarmee je het helemaal niet eens bent, organiseren zich namelijk wél. Denk aan de anti-abortus-activisten die nu opeens weer van zich laten horen.”

Je maakt je als voorzitter van het Humanistisch Verbond in het bijzonder sterk voor ex-moslims die het thuis vaak zwaar te verduren krijgen.

„Dat is een groot probleem, vergelijkbaar met onze jaren vijftig waarin het je zwaar werd aangerekend als je niet meer katholiek of gereformeerd wilde zijn. Nu kunnen we ons dat niet meer voorstellen, maar toen werd je soms uit je familie verstoten. Datzelfde gebeurt nu bij streng islamitische gezinnen. Voor mij geldt: iedereen heeft het recht om te geloven, maar ook om niet te geloven. Het is vaak ook niet zo zwart-wit. Veel ex-moslims die ik spreek, zeggen: ik geloof niet meer in Allah, maar ik vind het wel gezellig om thuis met mijn ouders het Suikerfeest te vieren. Net zoals een atheïst kerst viert. Alleen moet je dat kunnen doen zonder opeens thuis te moeten faken dat je nog moslim bent. Gun elkaar het verschil. Die discussie moet worden gevoerd en daar biedt het Humanistisch Verbond graag een platform voor.”

Wat vind je van het idee om de verplichte vrije kerstdagen af te schaffen en iedereen mogelijkheid te geven die dagen voor de eigen religie op te nemen?

„Bij tweede pinksterdag lijkt me dat prima. Maar ik denk dat die gezamenlijke dagen vrij aan het einde van het jaar belangrijk zijn voor het gevoel van gemeenschappelijkheid. Kerst heeft trouwens historisch weinig met het christendom te maken. Al ver voor onze jaartelling werden er in vrijwel alle culturen, van Perzië tot aan de Egyptenaren, aan het einde van het jaar ’lichtfeesten’ gevierd. Jezus is hoogstwaarschijnlijk ergens in de zomer geboren, maar de vroege christenen hebben die geboorte gewoon op de Romeinse Saturnalia-feesten geplakt die ook rond deze tijd plaatsvonden. Wat we nu kerst noemen is dus eigenlijk een allegaartje van oude en nieuwe tradities. Het is dus van iedereen, van gelovig tot atheïst. Ik herinner me opeens de acteur Nasrdin Dchar. Die liet vorig jaar op Instagram weten dol te zijn op kerst, maar dat het van zijn islamitische ouders niet mocht worden gevierd. Nu doet hij dat wel, inclusief versierde kerstboom, gewoon voor de gezelligheid. Geweldig toch? Een traditie is pas echt leuk als je het recht hebt om er vrij in en uit te stappen en als ze beetje met de tijd mee ademen. De grens is dat je anderen hun vrijheid moet gunnen.”

Wat vind je in dat kader van het boerkaverbod?

„Dat is een ingewikkelde. Ik begrijp het verbod van gezichtbedekkende kleding in onderwijsinstellingen en overheidsgebouwen wel. Maar ik begrijp de tegenstanders ook. Want zo’n verbod kan juist een impuls zijn tot radicalisering. Vrouwen gaan expres zo’n ding aandoen om hun punt te maken. Als het tot meer boerka’s in de openbare ruimte leidt, schiet het zijn doel voorbij.”

Je bent geen fan van de boerka.

„Ik vind het een verschrikkelijk kledingstuk. De gedachte erachter ontmenselijkt de vrouw, maar net zo goed de man. Een boerka betekent eigenlijk dat mannen loslopende hitsige types zijn die alleen met zo’n kledingstuk tot bedaren kan worden gebracht. Zo zou ik als man niet graag gezien willen worden.”

Als humanist vind je toch dat mensen zelf hun keuzes moeten kunnen maken?

„Iedereen moet zelf weten wat hij of zij thuis of op straat draagt. Maar in het onderwijs bijvoorbeeld is communiceren cruciaal en onderdeel daarvan is dat je elkaar kunt zien. Dat kan niet als je een boerka aanhebt. Maar het zijn ingewikkelde discussies. Soms lijkt de samenleving zo losgezongen dat mensen met rode koppen tegenover elkaar staan. Sinterklaas ligt alweer achter ons, maar ik hoop voor volgend jaar dat de felle voor- en tegenstanders van Zwarte Piet niet verder in de loopgraven duiken. Ik las laatst over het palingoproer in de 19e eeuw. Het was traditie zo’n beest levend in stukken te trekken. Toen die traditie werd afgeschaft, was het protest zo groot dat er tientallen doden vielen. Zover moeten we het niet laten komen. Houd je hoofd erbij, zie waar de ander een punt heeft.”

Je hebt zelf best een bijzondere manier van leven. Je woont samen met je vriend, hebt twee kinderen maar die wonen bij hun twee moeders.

„Toen ik er als puber achter kwam dat ik nooit op een vrouw verliefd zou worden, dacht ik tegelijkertijd: dan ga ik dus nooit kinderen krijgen. Twee vriendinnen die ik al heel lang ken en die met elkaar getrouwd zijn, vroegen mij als donorvader. Mijn dochter is nog erg klein, een jaar, maar mijn zoon van acht breng ik naar en haal ik vaak van school. Of we gaan op mannenweekend, laatst nog heuvellopen in Maastricht. Laatst hebben ze alle vier, in verband met een verbouwing, ruim twee maanden bij ons gewoond.”

Het lijkt wel erg luxueus, vaderschap op afstand... Je hoeft niet dagelijks in ultieme ochtendstress de boterhamtrommels te vullen.

„Ze wonen erg dichtbij. We hebben op een misschien ongewone manier kinderen gekregen, maar voor de rest is eigenlijk het vrij traditioneel. Ik wil aan mijn kinderen doorgeven wat ik van mijn ouders heb meegekregen: verantwoordelijkheid durven nemen, vooraan durven staan, anderen geen pijn doen, jouw vrijheid houdt op waar die van een ander begint. Blijf niet in ruzies hangen, ga in gesprek. Jezelf verdiepen in andere mensen en daar inspiratie uit halen.”

Denk je dat deze manier van leven ook mogelijk zou zijn in een klein dorpje in de provincie?

„Mogelijk wel. Het enige voordeel van in een grote stad wonen is dat er binnen die grote aantallen inwoners altijd wel mensen zijn in dezelfde situatie, met wie je ervaringen kunt delen. In een klein dorpje is de spoeling misschien dunner.”

Je noemt jezelf een lapjeskat, want je vervult naast je voorzitterschap van het Humanistisch Verbond een enorme lijst aan functies bij heel uiteenlopende clubs, van cultureel via gehandicaptenzorg tot afvalbedrijven. Waarom?

„Het valt wel mee. Het is een aantal parttime functies, bij elkaar opgeteld een gewone werkweek. Maar ik doe daarnaast inderdaad veel vrijwilligerswerk, waaronder het Comité 4 en 5 mei in mijn buurt. Alle dingen die ik doe, passen bij mij. Culturele onderwerpen spreken misschien voor zich, gezien mijn achtergrond als acteur. Ik ben best groen en daarom vind ik die afvalbedrijven zo fascinerend. Afval wordt gerecycled of tot energie gemaakt. Dat is zo innovatief. In de gehandicaptenzorg kan ik actief meedenken over hoe je de steun aan vaak kwetsbare mensen kunt verbeteren. Erg mooi werk.”

Doe je weleens niets?

„Ik hou van hard werken! Ik schrijf ook boeken. Maar ik ontspan bij de kinderen. Mijn schoonfamilie woont in Groningen, daar lopen mijn geliefde en ik graag in het bos. Lopen, tja... weer iets doen!”

Je bent vanaf 19 januari ook nog eens te zien in de televisieserie Smeris (BNNVara) in de rol van vastgoedbaas Jongsma. Terwijl je ooit ophield met acteren omdat je niet afhankelijk van regisseurs en castings wilde zijn.

„Wachten op een rol past niet bij mijn ongeduldige aard. Daarom neem ik steeds vaker zelf het initiatief om dingen te maken, of het nu acteren, besturen of schrijven is. In Smeris speel ik een hele foute vastgoedbaas. Met een pruik! Eindelijk weer haar!”

---

CV Geboren Amsterdam, 29 augustus 1973, opgegroeid in Nieuwkoop (ZH)

Opleiding Hbo geschiedenis (twee jaar), Toneelacademie Maastricht 1994-1998

Politiek Van 1998 tot 2000 voorzitter van de Jonge Democraten, van 2002 tot 2012 lid van de Tweede Kamer voor D66.

Functies Onder andere voorzitter van het Humanistisch Verbond, schrijver van Nieuwe vrijdenkers en De koning kun je niet spelen.

Acteur Speelde bij De Appel en het Zuidelijk Toneel, in 2016 maakte hij zijn rentree op toneel in Ciske de Rat, vanaf 19 januari 2020 te zien in Smeris (NPO3).