Home>>In de media>>Een duurzame Europese energiemarkt

Een duurzame Europese energiemarkt

31 mei 2006

Dit interview met mij verscheen eerder in "Utilities"

Onlangs presenteerde u het document "Wat nodig is"¦, pamflet voor een Europees beleid voor hernieuwbare energie". wat was de aanleiding hiervoor? De aanleiding om dit pamflet op te stellen is in de eerste plaats dat de onderwerpen, energie, klimaatverandering, geopolitieke verhoudingen enzovoorts dagelijks in de belangstelling staan. - Wat is er anders aan dit document dan andere scenario's. voorstellen/ rapporten, zoals het Optiedocument van ECN? Het verschil met het Optiedocument of het Energietransitierapport is dat we hierin aangeven wat wij denken dat politiek wenselijk is. Technisch kan alles, maar is het ook wenselijk. Bijvoorbeeld bij het toepassen van kernenergie, welke risico's zijn nog acceptabel? Soms komt de vraag op of je een bepaalde maatregel maar niet moet treffen, omdat dat de keuzevrijheid van de consument zou beperken. Waarom eigenlijk niet? Dit pamflet beschrijft dergelijke politieke en maarschappelijke overwegingen. Wij als politici maken geen zonnepanelen. Het is dan ook meer een visiedocument dan een optiedocument. We laten ons inspireren door de techniek in plaats van zelf technische deskundige te spelen. Dit is een politieke benadering, van waaruit we redeneren waarom we keuzes voor bepaalde financiering en technische ontwikkelingen maken. zo'n pamflet verlost je van de waan van de dag. Het is geen reactie op korte kleine problemen, maar geeft een bredere visie. - Denkt u dat de Europese samenwerking beter kan? We moeten komen tot een duurzame Europese energievoorziening, daarom moeten we samenwerken in het onderzoek hiernaar. Alle instellingen die nu werken aan bijvoorbeeld zonnepanelen in Europa zouden moeten samenwerken. Want op het gebied van zonne-energie lijkt Japan het anders te gaan winnen. En de VS, met George Bush of all people, heeft een voorsprong op het gebied van waterstof. Het onderzoek vindt nu veel te kleinschalig plaats, te autarkisch, het lijkt een beetje hobbyisme, hier en daar een zonnepaneeltje. Als je echt wil concurreren, moet het veel grootschaliger en moet je je bezig houden met zaken die er echt toe doen. Er gaat op Europees niveau vijf miljard euro naar kernenergieonderzoek, terwijl er maar driehonderd miljoen naar duurzame energie gaat. Hier valt dus nog veel te halen. Ook zou er een Europees allocatiesysteem moeten zijn voor het toepassen van duurzame energie. In het Noorden van Europa maakt offshore windenergie veel kans en in het zuiden zonne-energie. In het Oosten zou wellicht biomassa een grote rol kunnen spelen. Europa zou meer gebruik moeten maken van elkaars sterke punten. Maar als Europa het niet doet, doen we het als Nederland zelf. Er wordt vaak gezegd dat Nederland niet het beste jongetje van de klas moeten willen zijn, maar waarom eigenlijk niet? We moeten ons strenger en ambitieuzer dan andere landen opstellen. Bijvoorbeeld op het gebied van energiebesparing, als dat in de EU niet voldoende van de grond komt, moeten wij het juist wel doen. Wat vindt u van het huidige energiesubsidiebeleid? Het energiesubsidiebeleid is grillig. Het eerst verlenen van de MEP-subsidie, en dan weer afschaffen, wat ook gebeurde met de subsidie voor het toepassen van zonne-energie. Het werd er niet duidelijker op. Toch lagen aan die beslissingen wel rationele overwegingen ten grondslag. De MEP was zo succesvol dat de energieprijs steeg door de milieuheffing, en dat drukte op de koopkracht. Nu komen milieusubsidies direct uit de Rijksbegroting, dat is een veel stabielere vorm van subsidie. Wat betreft zonne-energie ging veel geld naar het buitenland, in plaats van wat het doel was, kennisopbouw in Nederland. Er werd te veel misbruik gemaakt van deze constructie. Ik zie meer in langdurige energiesubsidies, die een looptijd hebben van twintig jaar. Ik vind dat er een teruglevergarantie voor zonne-energie moet komen, zoals die in Duitsland al is. Iemand met een zonnepanelendak krijgt dan geld voor de kilowatturen die hij teruglevert aan het net. Dat is een stabiele vorm van een langdurige subsidie, die beter werkt dan een aanschafsubsidie. Het kabinet heeft tegelijkertijd met de afschaffing van de subsidies wel 1,7 miljard euro geïnvesteerd in duurzame energie. En daarnaast is hiervoor 350 miljoen euro opgenomen in de Rijksbegroting. Ik vind wel dat dit bedrag omhoog moet. Maar al met al vind ik de denkwijze waarop gesubsidieerd wordt, beter is dan wat we hiervoor hadden. Maar we moeten er dan wel zeker van kunnen zijn dat dit beleid ook in volgende kabinetten wordt voortgezet. Waar denkt u dat nog verbeteringen kunnen worden doorgevoerd? Bedrijven zelf kunnen nog veel behalen door het toepassen van warmtekrachtkoppeling, intelligente kastuinbouw, decentrale opwekking enzovoorts. Nederland moet als land ook investeren in schone fossiele brandstoffen. Ons land is van origine een gasland. De gasvelden raken op een gegeven moment leeg, maar bieden hiermee tevens een kans. Ze kunnen dienen als opslag voor Russisch gas dat hierheen wordt vervoerd. Maar we zouden ze zeker ook kunnen gebruiken voor de opslag van vrijkomend CO2. Ook vind ik dat we zonnepanelen op alle scholen en overheidsgebouwen zouden kunnen plaatsen. Dat lijkt misschien heel symbolisch, maar geeft het goede voorbeeld. De grootste wereld valt denk ik toch te winnen met energiebesparing. We kunnen energieverslindende apparatuur met stand by functies of items zoals gloeilampen op den duur verbieden. Bij nieuwbouwwoningen wordt steeds strenger gekeken naar energiezuinigheid. En ook bij bestaande woningen zal geïnvesteerd moeten worden in energiezuinige maatregelen. Dat kan bijvoorbeeld worden gestimuleerd, door een korting te geven op de overdrachtsbelasting als je het te kopen huis energievriendelijker maakt. Daarnaast denk ik dat ook financiële instellingen, zoals pensioenfondsen nog meer zouden kunnen investeren in duurzame projecten in het buitenland. Er gebeurt nog te weinig concreet. Er wordt vaak als smoes gebruikt dat iets technisch nog niet kan. Maar als je niet aangeeft wanneer het technisch wel moet kunnen, schuift het alleen maar op. En dan gebeurt het zeker niet. Wat vindt u van de toepassing van waterstof en biobrandstoffen? Met de toepassing van waterstof kan een mobiliteitsprobleem worden opgelost. Waterstof is een efficiënte energiedrager. Energie kan in de vorm van moleculen efficiënter worden getransporteerd dan via een kabel. Maar waterstof moet wel worden opgewekt en daarvoor moeten schone vormen worden ontwikkeld. Het probleem van biomassa en biobrandstoffen is dat bij de huidige generatie de landbouwgrond ook gebruikt zou kunnen worden voor het verbouwen van voedingsmiddelen. En dat is natuurlijk niet de bedoeling. Je wil niet de situatie dat zoals bij het vormen van palmolieplantages, stukken tropisch regenwoud moeten verdwijnen. Daarom kijken we met een gezonde scepsis naar biomassa. Maar dat doen we overigens ook naar zonne- en windenergie. Waar staat u wat betreft kernenergie? Over kernenergie heb ik een genuanceerd standpunt. Als ik één euro in mijn hand zou hebben, zou ik hem uitgeven aan duurzame energie. Dat heeft prioriteit. Daarnaast zou ik hem uitgeven aan verbetering van energie-efficiency en aan de ontwikkeling van schonere brandstoffen. Maar als dat allemaal niet lukt, op politiek of technisch vlak, dan houd ik de optie kernenergie open. Ik vind dat je bestaande kerncentrales niet zo maar moet sluiten. Dat is pure kapitaalvernietiging. Borssele is veilig en functioneert goed, niet zo maar sluiten dus. Het voordeel van kernenergie is dat ze geen CO2 uitstoten. Er is berekend dat als alle kerncentrales zouden sluiten en vervangen zouden worden door de huidige energiemix, er acht procent meer CO2-uitstoot zou zijn. Dat is het dubbele van wat men met het Kyotoverdrag probeert te besparen. Maar ik vind dat je er niet te positief over moet zijn. Er zijn te veel haleluja-verhalen over kernenergie. Die centrales kunnen worden gebouwd, de technologie bestaat en er is in Nederland geen enkele wet die de bouw van een kerncentrale verbiedt. Waarom gebeurt het dan niet? Een van de redenen is dat het duur is om ze te bouwen. Een ander groot probleem is het kernafval. Er moet onderzoek worden gedaan naar wat er met het afval moet gebeuren. Het is verstandig om dat bovengronds op te slaan en niet te verglazen zoals dat nu gebeurt. Als er nieuwe technieken zijn om het afval te bewerken, is het gemakkelijker dit toe te passen als het niet verglaasd is. Ik denk dat zowel voor- als tegenstanders van kernenergie hun toon moeten matigen. Hun geschreeuw werkt alleen maar averechts. Eigenlijk vind ik het verspilde energie om te vaak over kernenergie spreken. Kernenergie kan altijd nog. Als er over vijf jaar geen vooruitgang is geboekt op het gebied van duurzame energie, dan zal ik wellicht mijn standpunt over kernenergie heroverwegen. Je moet namelijk wel altijd energie kunnen blijven leveren aan de consument en aan het milieu denken. Maar kernenergie is voor mij nu geen issue. De focus ligt elders, zoals gezegd bij duurzame energie. Maar als anderen niet mee gaan met die ontwikkeling, dan zal mijn standpunt over kernenergie veranderen. Ik heb vanwege dit standpunt wel eens mot met Greenpeace, want zij vinden dat je alleen al door het woord kernenergie in de mond te nemen besmet bent. Ik snap die hyperventilerende fascinatie niet. Hoe slagvaardig is D66 op het gebied van duurzame energie? We zijn zo slagvaardig als een partij met zes zetels in de kamer. We zijn een kleine partij. Maar we krijgen het wel voor elkaar om keihard geld af te dwingen. De 1,7 miljard euro voor duurzame energie, bijvoorbeeld, en de 350 miljoen. Ook is er mede dankzij D66 geld van het Waddenfonds naar Energy Valley gegaan. D66 was ook de eerste partij om CO2 opslag als serieuze optie voor te stellen. Ook vanuit de aardgasbaten gaat nu meer geld naar duurzame energie. Daarnaast durven wij eerder dogma's te doorbreken dan andere partijen, door zaken nuchter te bekijken en dragen hiervoor creatieve oplossingen aan. We huilen niet mee met de wolven in het bos.