Home>>In de media>>‘Acceptatieplicht heel 2010 en ook heel christelijk

‘Acceptatieplicht heel 2010 en ook heel christelijk

27 nov 2009
Acceptatieplicht heel 2010 en ook heel christelijk

D66, SP en GroenLinks willen een acceptatieplicht voor bijzonder onderwijs. Dit houdt in dat scholen alle leerlingen dienen toe te laten indien de grondslag wordt gerespecteerd in plaats van onderschreven. "Zo kan niet langer gediscrimineerd worden met een religieuze grondslag als argument", stelt D66 op zijn website. Een gesprek met D66-Tweede Kamerlid Boris van der Ham voor het blad van de streng-orthodoxchristelijke scholen.

De Bijbel en de Drie Formulieren van Enigheid vormen de basis voor het onderwijs op het Calvijn College. De reformatorische identiteit krijgt onder andere vorm in bijbellezen en gebed, de eis van een voldoende voor godsdienst en bijbelse gedragsregels. Het Calvijn College heeft een gesloten toelatingsbeleid. Dat houdt in dat leerlingen alleen worden toegelaten wanneer de ouders de identiteit van de school onderschrijven.


Reformatorische scholen weigeren nauwelijks leerlingen. Het gaat om incidentele gevallen. Bovendien scoren deze scholen over het algemeen hoog als het gaat om de kwaliteit van het onderwijs. Vanwaar dan opeens die ijver om een acceptatieplicht voor te stellen? We vragen het Boris van der Ham (37), sinds 2002 Tweede Kamerlid voor D66.

Waarom hecht D66 zo aan een acceptatieplicht voor scholen?
Ouders moeten de vrijheid hebben hun kinderen te sturen naar de school van hun keuze. Ik wil niet af van het bijzonder onderwijs. Maar het is een mooi liberaal principe dat je zelf de keuze moet kunnen maken voor het soort onderwijs dat je kind volgt. Het onderwijs wordt door de overheid gefinancierd, dan mag die overheid ook een paar eisen stellen. Het kan zijn dat die eisen schuren met de identiteit van de school. Maar je moet je ook afvragen hoever je mag gaan in het jezelf afzonderen van de rest van de samenleving.
De andere kant is dat leerlingen respect dienen te tonen voor de identiteit van de school. Het kan op een school gebruikelijk zijn dat er voorafgaand aan de les wordt gebeden. Die school stelt het natuurlijk niet op prijs als leerlingen tonen daar niets mee te hebben en er niet aan meedoen. De school mag betreffende leerlingen hierop aanspreken, omdat zij dan geen respect tonen voor de grondslag van de school.

De praktijk is nu dat  reformatorische scholen slechts incidenteel een leerling afwijzen. Uw voorstel tot een acceptatieplicht zal dus geen aardverschuiving bewerkstelligen in de identiteit . Anders is het wanneer de acceptatieplicht ook betrekking heeft op docenten..

Het wetsvoorstel gaat eigenlijk alleen over leerlingen. Maar er is een voorstel in behandeling tot aanpassing van de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB). D66 wil naar een situatie waarin alle sollicitanten die respect tonen voor de identiteit van een school, toegelaten moeten kunnen worden.

 

Welk probleem wilt u eigenlijk oplossen? Het bijzonder onderwijs maakt vijf procent uit van het totale scholenbestand..

Het is een principiële keuze die je maakt. Nederland is een rechtsstaat. Iedereen moet weten waar we aan toe zijn. We vinden het allereerst principieel onjuist dat leerlingen nu geweigerd kunnen worden omdat hun ouders niet de gehele grondslag van de school onderschrijven. Daarnaast is het zo dat het voorstel tot een acceptatieplicht past binnen een veel breder verhaal van het tegengaan van segregatie in het onderwijs. Er zijn bijzondere scholen die proberen allochtonen uit de school te houden. Verder zijn we van mening dat de overheid die het onderwijs betaalt, ook een eis mag stellen. In dit geval: respect.

 

Wat is uw ideaal als het gaat om onderwijs? Alleen openbare scholen?

Het bijzonder onderwijs functioneert goed. Wel vin d ik dat het openbaar onderwijs nog krachtiger moet worden aangeboden en eventueel versterkt. Er is een flank van de D66 die voor afschaffing van het bijzonder onderwijs is, daar behoor ik niet toe. De D66 is niet tegen bijzonder onderwijs, maar wel tegen vormen waar een vorm van uitsluiting in zit.  Bijzonder onderwijs OK, maar er gelden een paar regels. Nogmaals: het gaat me om het principe. Respect tonen voor de identiteit is voldoende.

Het Calvijn College kiest voor een gesloten toelatingsbeleid - met de vraag tot onderschrijving van de grondslag - omdat zij van mening is dat het belangrijk is dat er voor de leerling in de leeftijd van 12 tot 16 jaar eenheid is tussen school, gezin en kerk.

Ik stel daar tegenover dat het kind op die leeftijd juist moet ervaren dat opvattingen niet altijd dezelfde zijn. Je moet naast elkaar kunnen zitten als klasgenoten met verschillende opvattingen. En dat kan ik zelfs beargumenteren vanuit een pedagogische visie. Leer in gesprek te gaan met een andersdenkende klasgenoot. Daar kom je sterker uit!

De christelijke identiteit krijg je toch wel mee, die is voldoende verankerd in de lessen. Ik verwacht geen afbrokkeling van het reformatorisch onderwijs door instelling van een acceptatieplicht. De identiteit blijft staan en daar wil ik best respect voor tonen. Jongeren die op hun twaalfde op school komen, moeten echter de vrijheid hebben om bijvoorbeeld op hun veertiende heel andere opvattingen te hebben. Reformatorische scholen moeten niet te bang zijn voor discussie. Er zou best wat meer openheid mogen komen. Seculiere ouders sturen hun kind toch niet naar een reformatorische school. Anno domini 2010 is een stuk openheid in de vorm van een acceptatieplicht heel normaal. Ik ben vaak genoeg geweest op reformatorische scholen. Er worden niet veel leerlingen geweigerd, het gaat om een beperkt aantal. Toch, het lijkt me goed dat leerlingen dingen niet voor zoete koek aannemen, maar dat zaken bediscussieerd worden. Juist door debat raken zaken meer geïnternaliseerd bij leerlingen, ook in de leeftijd van 12-16 jaar. Ze vormen op een stevigere manier een visie. Ze zitten op een hele bevindelijke school, dus worden al heel beschermd gehouden. Een acceptatieplicht is echt een minimum aan respect.

Stel: iemand bezoekt een reformatorische kerk, is het niet eens met de boodschap die gebracht wordt, begint keihard te zuchten en gaat naar buiten. Je kunt zo iemand een andere keer vragen of hij zich anders wil gedragen. Maar als iemand die het oneens is met de preek, daarover na de dienst wil praten, dan zal die ruimte  toch ongetwijfeld worden geboden. Dat hoort bij het tonen van  respect.

Nogmaals: wees niet overdreven. Wen eraan dat de gevoelens van een ‘refokind' ook kunnen schudden op hun grondvesten. Dat moet kunnen vanaf een leeftijd van 12 jaar. Op allerlei fronten, ook in de christelijke sfeer, is veel debat. Laten we afspreken dat er een ondergrens van respect is. Dat lijkt me echt een heel goede afspraak. Dat lijkt me heel 2010 en ook heel christelijk.

Moet de acceptatieplicht wat u betreft ook gelden voor sollicitanten?

Je mag aan sollicitanten wel eisen stellen op het gebied van religie. Je kunt je als school bijvoorbeeld beperken tot een aantal kerkgenootschappen. Maar ik vraag me af of je van een wiskundedocent kunt vragen of hij het eens is met Knevels gedachte over de evolutietheorie.

Stel nu dat iemand die praktiserend homo is, solliciteert bij het Calvijn College, mag onze school die persoon dan weigeren?

Op grond van zijn praxis mag een school zo iemand nooit weigeren, dat geeft de AWGB aan. Er is echter sprake van een schemergebied. Het gebeurt nu wel op grond van ‘bijkomende omstandigheden', waarover wordt gesproken in artikel 23 van de Grondwet. Die zijn nooit omschreven. Dan krijg je het ‘duistere in de docentenkamer', vragen als: ben je wel gelovig genoeg? Scholen mogen wel iemand weigeren op grond van geloofsopvatting of kerkgenootschap. Jurisprudentie geeft echter aan: als er één uitzondering gemaakt wordt door een school op basis van de grondslag, dan geldt dat vervolgens ook voor andere gevallen een uitzondering gemaakt moet kunnen worden. Het sleutelwoord is respect. Je mag een identiteit hebben, maar wel met grenzen. Je hebt je immers te verhouden tot andere groepen in de samenleving.
En overigens: zo strak liggen zaken niet altijd op reformatorische scholen. Het gebeurt ook wel dat een docent scheidt en toch in functie kan blijven. Er wordt nogal verschillend gedacht onder christenen en er visies verschuiven, bijvoorbeeld ten aanzien van homoseksualiteit.

 

J e hebt middelmatige dingen waarover intern  verschil van mening is. Maar over een aantal kernzaken is overeenstemming. Bijvoorbeeld over de stelling dat de homoseksuele praxis haaks staat op wat de bijbel voorstaat.

Als je als overheid stelt dat een school een sollicitant niet mag afwijzen op deze grond, dan stel je het non-discriminatiebeginsel boven de vrijheid van godsdienst. Overigens, wie wordt er gediscrimineerd? Prevaleert hiermee de seculier-liberale visie niet boven bijvoorbeeld de christelijke?

Er hoeft geen botsing van grondrechten te zijn. We moeten  zorgen voor een symbiose. Het kernwoord daarbij is respect. Mijn voorstel is om aan artikel 1 van de Grondwet (gelijkheidsbeginsel en discriminatieverbod) de begrippen handicap en geaardheid toe te voegen.
Ik vindt niet dat een reformatorische school met het voorstel tot een acceptatieplicht wordt gediscrimineerd in zijn godsdienst. Er dient wederzijds respect te zijn. Wij helpen u in de wet met het feit dat u respect moet hebben voor iemand die hier komt lesgeven, ook wanneer die praktiserend homo is. Maar dan moet die sollicitant ook respect hebben voor de grondslag van de school. Wij komen op voor de grondrechten. Daarbij is het grondwoord respect. Mocht de school anders denken, dan is er ook nog de mogelijkheid te kiezen voor eigen financiering.

 

Peter Smit