Home>>In de media>>Minder gedogen, meer toestaan ('Nieuwe Democraten")

Minder gedogen, meer toestaan ('Nieuwe Democraten")

14 nov 2001

Dit interview verscheen in november 2001 in het boekje 'Nieuwe Democraten'. Het gaat over het gedoogbeleid in Nederland, en over het artikel dat ik samen met andere jongeren daarover geschreven heb.

Het maatschappelijke debat over de gedoogcultuur is begonnen bij de politieke jongerenorganisaties. Ik had als voorzitter van de Jonge Democraten het initiatief genomen om een opinieartikel te schrijven met een aanklacht tegen die gedoogcultuur. Toen wij het pamflet aanboden aan Tweede Kamervoorzitter, Jeltje van Nieuwenhoven, barste meteen de bom. Onze aanklacht haalde alle kranten en alle columnisten schreven erover. Het leek wel of we de politiek in haar hart hadden getroffen. Alle andere politieke jongerenorganisaties hadden het artikel meeondertekend, ieder met hun eigen reden. De orthodox-christelijke jongeren waren tegen gedogen van softdrugs omdat ze het wilden verbieden, en de progressieve organisaties waren tegen gedogen omdat ze het juist wilden legaliseren. We vonden in ieder geval allemaal dat als je een regel maakt, je die naleven. En deugt een regel niet? Dan verander je hem of schaf je hem af. Ik vind "gedogen" alleen okee, als het wordt gebruikt als overgangsbeleid, maar dan moet het duidelijk zijn hoe lang zo'n termijn duurt. Het viel me op dat vooral linkse columnisten, zoals Marcel van Dam, zich kwaad maakte om de aanklacht tegen het gedogen. Hij schreef dat we een politiestaat wilden, met strenge regels en overal politieagenten. Onzin. Pas zag ik op straat een poster van 'Loesje' waarop stond: 'Minder gedogen, meer toestaan'. Dat omschrijft precies wat ik bedoel. Ik ben juist voor vermindering van regels. Maar wanneer het gaat over veiligheid, milieu en volksgezondheid dan moeten de regels duidelijk zijn en worden nageleefd. Veel regels zijn onduidelijk. Dan spreken milieuregels en brandveiligheidsregels elkaar tegen, bijvoorbeeld. De politiek moet zeggen wat het zwaarste telt. Het grootste probleem met de gedoogcultuur, is dat die wordt veroorzaakt door het doorschuiven van verantwoordelijkheid. In ons politiek systeem is er eigenlijk nooit iemand eindverantwoordelijk of aanspreekbaar. Daarom ben ik zo'n voorstander van een direct gekozen burgemeester: die is eindverantwoordelijk, aanspreekbaar en heeft de bevoegdheid om beleid te wijzigen.